Blog

Hoe maak ik mijn Nightscapes

Posted by:

Astrofotografie en astro-landschappen waarbij het aardse landschap onder de met sterren bezaaide pracht van de Melkweg te zien is, liggen tegenwoordig binnen het bereik van iedere fotograaf zonder daarvoor te hoeven beschikken over een dure gespecialiseerde telescoop of speciale filters. Een snelle zoektocht op bijvoorbeeld Instagram laat zien hoe fotografen hun camera’s tevoorschijn halen om creatief aan de slag te gaan als de duisternis zijn intrede doet. Ik noem mijzelf een Nightscaper en laat jou in dit blog zien hoe ik mijn Sony Alfa spiegelloze camera instel en de uitrusting die ik gebruik om vaak inspirerende en sprookjesachtige beelden te creëren. 

“Standing on the Mudflats”
Sony A7R3, ISO6400, 13sec, LOAWA D-Dreamer 15mm f2/0

Je hebt niet veel apparatuur nodig om een Nightscape te maken, maar er zijn wel bepaalde vereisten die je in gedachten moet houden welke een grote impact zullen hebben op je uiteindelijk Nightscape. Een camera waarbij je de volledige controle hebt over de instellingen (manual modus), is één van die vereisten. Daarnaast bepalen de gebruikte lenzen in grote mate de sfeer en beeldkwaliteit van de foto. Het gebruik van lenzen met een grote kijkhoek (8 mm – 35 mm) en een groot lichtverzamelend vermogen hebben de voorkeur (denk hierbij aan lenzen met een diafragma van f/1.4 –  f/2.8). Vergeet vooral een stevig statief niet!. Een goed statief is prijzig, maar is zijn investering dubbel en dwars waard. Hieronder beschrijf ik welke apparatuur ik gebruik om mijn Nightscapes te maken. Dit is uiteraard geen aanbeveling om ook dezelfde apparatuur aan te schaffen. Er zijn vele duurdere opties en betere apparatuur te verkrijgen maar ook vele, meer betaalbare opties, maar dat laatste gaat vaak ten koste van de beeldkwaliteit. 

Sony A7III, een prachtige allround camera.

Camera

Zelf gebruik ik een Sony α7RIII. Dit is momenteel mijn favoriete camera en werkpaard. Van snelle actie en landschappen tot gedetaileerde portretten, de 42MP sensor van de Sony biedt mij veel flexibiliteit zonder verlies van beeldkwaliteit. Ik ben erg onder de indruk van de mogelijkheden die deze camera biedt tijdens het fotograferen van de nachtelijke hemel.

Lenzen

Ondanks dat ik een Sony camera heb zitten er gek genoeg geen Sony lenzen in mijn cameratas. Er bestaan uiteraard hele goede lenzen van Sony, Nikon of Canon maar deze zijn vaak erg prijzig. Kijk bijvoorbeeld maar eens naar de G-master serie van Sony. Nee, ik houdt het voorlopig bij de iets minder bekende, maar hard aan de weg timmerende merk Samyang. Dit bedrijf maakt top-kwaliteit lenzen met dezelfde of zelfs vaak betere prestaties dan hun tegenhangers van de bekende merken, voor een fractie van het geld. Mijn keuze voor het maken van Nightscapes is de Samyang 12mm f/2.0. Dit is een Dx-formaat lens waardoor ik de Sony A7RIII ook in de Dx-modus moet gebruiken. Dit zorgt ervoor dat ik effectief maar 24Mp van de 42Mp tellende sensor kan benutten, maar dit is voor mij ruimschoots voldoende om haarscherpe foto’s te maken, ook in het donker. Daarnaast gebruik ik nog een Samyang 24mm f/1.4. Deze lens is nog lichtsterker, maar is wel wat soft wanneer je op het grootste diafragma fotografeert. Diafragmeren tot f/2.0 lost dit probleem op. Het voordeel van deze lens is dat ik het volledig aantal pixels van de sensor kan gebruiken aangezien het een lens is voor gebruik op Full frame camera’s.

Mocht je zelf een geschikte lens voor jou camera zoeken dan zal ik je adviseren om eens te kijken op de website www.lonelyspeck.com. Op deze site worden vele lenzen speciaal getest voor hun prestatie op het gebiedt van nachtfotografie en ook vindt je hier vele handige tips en tricks.

Met een lichtsterke lens kan je in een kort tijdsbestek veel licht vangen.

Wat ik verder nog gebruik.

Naast een camera en een lens heb ik natuurlijk ook een stevig statief. Een statief hoeft niet zwaar en groot te zijn. Zelf gebruik ik het liefst een reisstatief van Sirui met een bijpassend balhoofd dat het kadreren en uitlijnen van de camera een stuk makkelijker maakt. Het is een perfecte mix van stevigheid en draagbaarheid. De koolstofvezelconstructie houdt het gewicht laag en het balhoofd is gemakkelijk te gebruiken, zelfs met het dragen van handschoenen tijdens winterse omstandigheden.

Onder barre omstandigheden wil je een statief die gewoon zijn werk doet.

Als je ’s nachts gaat fotograferen heb je een zaklamp nodig. In de eerste plaats om te zien waar je loopt, en in de tweede plaats zodat je kunt zien wat je doet als je bijvoorbeeld een lens moet verwisselen. Ikzelf ben inmiddels ervaren genoeg om ook zonder zaklamp op pad te kunnen gaan, maar ik zal het niet adviseren. Wat helemaal ideaal zou zijn is het gebruiken van een hoofdlamp. Doordat je de lamp op je hoofd draagt heb je je handen vrij om andere werkzaamheden te verrichten. Het kan met een zaklamp soms nog wel eens een geklungel zijn.

Daarnaast gebruik ik voor het belichten van de voorgrond van de foto vaak een externe flitser. Het merk maakt hierbij niet zoveel uit, zolang je de flitser maar handmatig, of op afstand kunt bedienen. Ik verkies een flitser boven een zaklamp omdat je met een zaklamp niet heel nauwkeurig kan belichten en de belichting van de voorgrond vaak vanuit het standpunt van de camera moet gebeuren waardoor er een vrij vlak beeld ontstaat doordat er weinig schaduwwerking is. Een flitser zorgt vaak voor een fraai verlichte voorgrond met veel structuur door de schaduwen die een flitser creëert aangezien een flitser vaak gebruikt wordt vanuit het beeldveld zelf (naar de camera toe). Dit zorgt voor meer diepte in de foto.

Het gebruik van een externe flitser zorgt voor diepte in je foto.

Ook maak ik gebruik van een remote-timer controller. Hiermee kan je de camera automatisch foto’s laten maken waardoor jij je bezig kunt houden met andere randzaken zoals het uitproberen van verschillende poses in het beeldveld voor bijvoorbeeld het maken van een “Melkweg-selfie” of “Light-saber shot”.

Een klassiek “Light-saber” shot.

Camera-instellingen en aanbevelingen

Voordat je eropuit trekt moet je je bedenken dat het best een uitdaging kan zijn om de knoppen op je camera in het donker te vinden. Zorg er dus voor dat je je camera van tevoren goed kent. Oefen zonodig een paar keer in het donker in de inloopkast of stel de camera-instellingen van te voren in terwijl het nog licht is. Ik fotografeer al een tijdje met mijn Sony-camera en ik kan al mijn instellingen en knoppen blindelings vinden.

Fotografeer in RAW: het is bij het maken van Nightscapes een vereiste om in het RAW-bestandsformaat te fotograferen in plaats van in JPEG. Bij het fotograferen in RAW legt de camera alle informatie vast die uw sensor raakt en slaat deze op, terwijl JPEG de gegevens comprimeert en hierbij belangrijke informatie weggooit om ruimte te besparen. Dus voor beelden van hoge kwaliteit is het fotograferen in RAW essentieel. Opmerking: Zet vooral ook instellingen als ruisonderdrukking, autofocus en beeldstabilisatie uit als uw camera over deze opties beschikt. Al deze instellingen hebben een negatieve invloed op de uiteindelijke beeldkwaliteit van de foto.

Sluitervertraging: Zelfs de kleinste camerabeweging (zoals het indrukken van de ontspanknop) kan bij een lange belichtingstijd een enigszins wazige foto opleveren. Probeer dit dus ten allen tijden te voorkomen. Dit kan je eenvoudig voorkomen door gebruik te maken van een zelfonspanner of via de ingebouwde ontspanvertraging die bij de meeste camera’s standaard ingebouwd zit. Een vertraging van 2 of 5 seconden geeft je camera voldoende tijd om tot rust te komen nadat je op de ontspanknop hebt gedrukt, waardoor je scherpe beelden hebt zonder beweging.

Handmatige opnamemodus: Zet je camera vooral op de Manuale stand, meestal aangeduid met de letter “M”. Met deze instelling heeft u de volledige controle over de belichting. Ik pas het diafragma, de sluitertijd en de ISO handmatig aan in plaats van dat de camera dat voor mij probeert te doen.

Handmatige scherpstelmodus: ik vertel de deelnemers van mijn workshops altijd dat het meest uitdagende deel van astrofotografie het scherpstellen is. Ik gebruik hierbij de handmatige scherpstel methode om scherp te stellen op de sterren. Als uw lens over een AF/MF-schakelaar beschikt, schakel deze dan naar MF. Zo bent u er van verzekerd dat u zelf de controle hebt over de scherpstelling en  niet de camera. Sommige lenzen zijn ook uitgerust met scherpstelafstandmarkeringen die een “oneindig” symbool weergeven (∞). Deze markering op uw lens kan handig gebruikt worden als uitgangspunt voor het scherpstellen. Vaak is dit punt op uw lens niet het punt dat ook daadwerkelijk puntvormige sterren tot resultaat heeft, maar ligt de focus net iets verder naar voren of naar achteren. Het digitaal inzoomen op uw live-view beeldscherm is een handig hulpmiddel om te kijken of een ster ook daadwerkelijk in focus is. Zoom hierbij maximaal in op een heldere ster (vaak iets van 12x vergroting bij de meeste camera’s) en draai vervolgens voorzichtig aan de scherpstelring. U zult zien dat de ster groter en kleiner wordt naarmate u meer in- of uit focus bent. Nu is het de kunst om de ster zo klein mogelijk op het live-view beeld te laten verschijnen. Heeft u dit voor elkaar, dan bent u voor de rest van de avond klaar en hoeft u verder niet meer aan uw scherpstelring te zitten. Mocht dit per ongeluk toch gebeuren dan herhaald u gewoon de zojuist beschreven handelingen.

De juiste belichting en de regel van 300

Je hebt een geschikte locatie gevonden, je camera op het statief gezet en je bent klaar voor het maken van je eerste foto – wat nu?

ISO: Ten eerste zet je de ISO een stuk hoger dan je gewend bent bij het maken van een normale landschapsfoto. Geen zorgen, de extra ruis die hiermee gepaard gaat is geen onoverkomelijk obstakel. In de regel gebruik je voor Nightscapes een ISO variërend van ISO1600-3200 en in extreme gevallen zelfs ISO6400. 

Zelfs op ISO6400 valt de ruis nog goed the hanteren.

Diafragma: Vervolgens zet je je diafragma van de lens wijd open op een zo klein mogelijk f-getal (bijvoorbeeld f/2.0 bij mijn Samyang 12mm f/2.0-lens) zodat je zoveel mogelijk licht doorlaat en opvangt op je sensor. 

Sluitertijd: Dit is een variabele waar je nog al eens mee kunt experimenteren afhankelijk van het type foto’s dat je wilt maken. Wil je bijvoorbeeld een mooie foto maken met stersporen in je beeld dan kan je langere sluitertijden van een paar minuten gebruiken (evt. ISO aanpassen ivm overbelichting). Wil je echter sterren die eruit zien als een puntvormig object dan kan je het beste “De Regel van 300” hanteren. De Regel van 300 is een globale regel voor het bepalen van jou maximale belichtingstijd zonder dat je daarbij sterrensporen krijgt. Het is een gemakkelijk concept om te onthouden als je Nightscapes fotografeert met een full-frame body: deel je brandpuntsafstand door 300. Als jou brandpuntsafstand bijvoorbeeld 24 mm is, is de maximale sluitertijd die je moet gebruiken 12,5 seconden:  

Full-frame: 300/24 ​​= 12,5 seconden

Voor een camera met een crop-sensor (Dx) vermenigvuldig je de brandpuntsafstand van jou lens met de cropfactor van je camera (bijvoorbeed 1.5x). Het getal 300 wordt dan gedeeld door de uitkomst van jou brandpuntsafstand: 

Crop-sensor: 24 x 1,5 = 36 → 300/36 = 8,3 seconden

Scherpstellen: Hierna is het tijd om handmatig scherp te stellen op een heldere ster aan de hemel. Zet hierbij je lens op het “oneindig” teken, of als je die niet hebt op de kleinst mogelijke scherpstelstand die je lens heeft (verder draaien aan de scherpstelring lukt dus niet) en draai deze een klein stukje terug. Vervolgens richt je de camera globaal richting de heldere ster en probeer je de ster in je Live-view beeld te krijgen. Hierna maak je de aanpassingen volgens de methode die ik hiervoor heb beschreven. Als je eenmaal gefocust bent en je hebt je compositie bepaald aan de hand van een aantal test-opnames kan het plezier beginnen!

Witbalans: een vaak over het hoofd geziene instelling is de witbalans. Je kunt de witbalans op auto laten staan ​​en geweldige resultaten behalen, maar soms zorgen stadslichten of de maan ervoor dat de kleuren niet representatief overkomen en ziet de foto er al gauw wat blauw of oranje gekleurd uit. Hoewel je de witbalans gemakkelijk kunt aanpassen via nabewerkingsprogramma’s zoals Lightroom of Photoshop wanneer je in RAW fotografeert, is het een goede gewoonte om dit direct in de camera aan te pakken. Bij het kiezen van een aangepaste witbalans voor Nightscapes  gebruik ik meestal een Kelvin-bereik van 3500 – 4500. Dit geeft vaak een mooie koele look aan de sterrenhemel terwijl het licht van omliggende stads-of dorpsverlichting mooi contrasterend afsteekt als een oranje gloed aan de horizon.

Mooi contrasterende kleuren trekken vaak de aandacht van de kijker.

Er zijn een oneindig aantal variabelen die uw belichting kunnen beïnvloeden, denk hierbij aan de mate van lichtvervuiling, de aan- of juist afwezigheid van de maan of de condities van de luchtkwaliteit (vochtig of niet) en ik moedig je dan ook aan om hiermee te experimenteren en te spelen. De bovenstaande beschrijving geeft jou in ieder geval een goed handvat om je ontdekkingsreis in het donker te starten, “Maar wees gewaarschuwd, het kan erg verslavend zijn!” 😉.

Wil je meer weten over het maken van Nightscapes, of wil je begeleiding hebben tijdens het maken van je eerste stappen in de wereld van de astrofotografie dan kan ik je altijd eens een workshop Nightscapes bij mij volgen. Ik help je graag op weg en leer jou de fijne kneepjes van het maken van een Nightscapes in een boeiende 3 uur durende Workshop op één van de donkerste plekken in Nederland op het vaste land. Meer informatie kan je o.a. vinden op www.nightscapes.nl en vergeet ook niet om mijn Instagram te checken voor de benodigde inspiratie.

0
  Related Posts
  • No related posts found.
error: Content is protected !!